Het laatste nieuws

Onderzoek naar de oorzaken van schade in Groningen

De TU Delft heeft het onderzoek naar de oorzaken van bouwkundige schade in de provincie Groningen afgerond en gepubliceerd. De onderzoekers hebben 69 panden onderzocht waarvoor complexe schade was gemeld. Deze panden bevatten in totaal ruim 2400 schades. Doel van het onderzoek was om inzicht te krijgen in de oorzaken die ten grondslag liggen aan gebouwschade in de provincie. De onderzoekers concluderen dat het toewijzen van schade aan concrete oorzaken alleen indicatief mogelijk is. Omstandigheden in het gebouw, fundering en bodem zijn de belangrijkste onderliggende oorzaken voor schades bij de onderzochte gebouwen. De invloed van bevingen is moeilijk uit te sluiten uit de best verklarende scenario’s voor schade in de onderzochte panden, maar valt tegelijkertijd ook moeilijk te bewijzen. Aanleiding Aanleiding voor het onderzoek was de discussie over de voormalige contour. Binnen die contour werd tot 2016 in de provincie Groningen schade als gevolg van bevingen wél vergoed en daarbuiten niet. Doel van het onderzoek was het duiden en verduidelijken van de diverse oorzaken van schade aan gebouwen, waaronder de invloeden van de verschillende mijnbouwactiviteiten in Groningen en de stapeling van mijnbouwactiviteiten op bepaalde locaties. Voor de onderzochte panden hebben de onderzoekers ‘best verklarende scenario’s’ opgesteld voor de ontstane schade

Uitgelicht

Van Hattum en Blankevoort over de weg naar duurzaam bouwen

Overvolle bouwplaatsen, talloze af- en aanrijdende leveranciers en truckladingen vol afval; op veel bouwterreinen in Nederland is duurzaamheid nog ver te zoeken. Bovendien zijn ook de bouwwerken zelf vaak niet energieneutraal. Een doorn in het oog van het bedrijf Van Hattum en Blankevoort. Als civiele bouwonderneming ontwerpen, bouwen en onderhouden zij grote constructies zoals bruggen, viaducten, sluizen en tunnels. En met ingang van 2025 willen zij de meest duurzame, civiele bouwer van Nederland zijn. Directeur Wilfrith van der Meer en

Pensioen

Online dienstverlening vermindert vertrouwen in banken

Persoonlijk contact tussen bankmedewerkers en hun klanten is van groot belang om het vertrouwen in banken te vergroten. Dit blijkt uit een opinieonderzoek van de Vrije Universiteit Amsterdam (VU) en de Universiteit Tilburg (UvT). Veel mensen wantrouwen de motieven van bankmedewerkers. Opvallend genoeg wordt dit wantrouwen gedeeld door veel medewerkers in de financiële sector zelf. Het vermogen om de verleiding van financiële prikkels te weerstaan wordt veel lager ingeschat dan bij huisartsen. Online dienstverlening Het vertrouwen van Nederlanders in banken en hun medewerkers is nog steeds laag, ondanks het lichte herstel dat de Nederlandse Vereniging van Banken onlangs meldde. Vooral het beleid van banken om zoveel mogelijk kantoren te sluiten en vrijwel alleen online hun diensten te verlenen, zorgt niet voor een hoger vertrouwen. Onderzoekers Govert Buijs, Eefje de Gelder (VU) en Johan Graafland (UvT) : “Teveel Nederlanders hebben weinig vertrouwen in banken en bankmedewerkers in het algemeen. Ze hebben echter veel meer vertrouwen in de bankmedewerker waarmee ze persoonlijk contact gehad hebben. Persoonlijke contact blijkt dus juist in onze digitale samenleving van groot belang voor banken om het vertrouwen te herstellen na de laatste crisis.” Lees ook het opiniestuk van Buijs en Graafland op de website van Trouw. Bonussen

Cybersecurity

2 van de 3 websites overtreden nieuwe privacywet

Twee van de drie websites (69%) overtreden de nieuwe privacywetgeving. Dat blijkt uit onderzoek van de Consumentenbond naar 150 sites. Veel websites plaatsen tracking cookies vóórdat bezoekers toestemming hebben gegeven of vragen die toestemming niet op de juiste manier. Cookies in de privacywet De Consumentenbond onderzocht de sites naar aanleiding van de nieuwe privacywet: AVG (Algemene Verordening Gegevensbescherming. Het onderzoek richtte zich met name op webwinkels, veel bezochte sites en sites die gevoelige informatie verwerken, zoals financiële sites, gezondheidssites en datingsites. De resultaten liegen er niet om: 78 sites plaatsen direct bij het openen marketing- en/of advertentie cookies, meestal van de advertentienetwerken van Google en Facebook. Veelal tonen de sites wel een cookiemelding, maar de advertentiecookies hebben ze dan al geplaatst. Dit was ook al illegaal voor de nieuwe wetgeving, volgens de zogeheten ‘cookiewet’. Slechts 31% voldoet aan AVG De Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) stelt specifieke eisen aan het vragen van toestemming voor het plaatsen van tracking cookies. De toestemming moet ‘vrij’ zijn, maar ook ‘ondubbelzinnig’, ‘specifiek’ en ‘geïnformeerd’. Van de 150 onderzochte sites voldoet slechts 31% daar aan. Sites plaatsen niet alleen tracking cookies zonder toestemming, het ontbreekt ook vaak aan een duidelijke keuze, waarbij de bezoeker dit soort

Management algemeen

Onethisch gedrag in het middenmanagement

Hoewel onethisch gedrag vaak wordt toegeschreven aan witteboordencriminelen bovenaan of onderaan de bedrijfsladder, blijkt het middenmanagement ook soms schuld te dragen. Dat is de conclusie uit een studie naar organisatorische veranderingen van onder andere Smeal College of Business. De resultaten van dit onderzoek zijn in het academische tijdschrift Organization Science gepubliceerd. Onethisch gedrag in de telecombranche Uit het onderzoek dat plaatsvond bij een groot telecombedrijf kwamen verschillende tactieken naar voren die middenmanagers gebruiken om de bedrijfstop te misleiden. Dat suggereert Linda Treviño, hoogleraar organisatorisch gedrag en ethiek aan Smeal College of Business. Ze legt uit dat managers zich tot dit gedrag lieten verleiden als reactie op onrealistische verwachtingen van hun bovengeschikten. Het onderzoeksteam kwam tot dit inzicht na een kwalitatief onderzoek van meer dan een jaar, waarbij een onderzoeker 273 dagen lang werknemers schaduwde. Daarnaast werden er informele gesprekken afgeluisterd, 105 diepte-interviews gehouden en werd de onderlinge communicatie gedocumenteerd. Het focuspunt was de manier waarop middenmanagers zich gedragen bij de formatie van een nieuw team. Doelen, incentives en verantwoordelijkheden Bij het opstellen van teams schetst het bestuur vaak de doelen, incentives en verantwoordelijkheden, en de middenmanagers moeten dit vervolgens uitvoeren. Dit is volgens de onderzoekers alleen niet altijd haalbaar. “We

HR

Leeftijd en opleiding van invloed op baanwissel

Nieuw onderzoek onthult dat jonge en hoogopgeleide mensen vaker van baan wisselen, en dit komt niet hoofdzakelijk doordat ze meer open staan voor nieuwe ervaringen. Een onderzoeksteam van EHT Zurich en de University of East Anglia (UEA) analyseerden en vergeleken de effecten van individuele karakteristieken en de economische context op loopbaanmobiliteit. Onderzoek naar loopbaanverschuivingen De onderzoekers keken naar verschillende soorten loopbaanverschuivingen om te bepalen waarom mensen van organisatie, sector of baan veranderen. Dit deden ze door 503 oud-leerlingen van een managementprogramma te ondervragen over hun loopbaangeschiedenis, opleidingsniveau en houding ten opzichte van nieuwe ervaringen. Daarnaast analyseerden ze de effecten van jaarlijkse veranderingen in het werkloosheidspercentage, en hoe dit verband hield met loopbaanmobiliteit. Factoren voor baanwissel Het team onderzocht de factoren die een belangrijke rol spelen bij het wisselen van baan: het huidige werkloosheidspercentage, de persoonlijke houding ten opzichte van nieuwe ervaringen, de leeftijd tijdens de baanwisseling of het opleidingsniveau. Ze ontdekten dat zowel individuele karakteristieken als de arbeidsmarkt invloed hebben op de loopbaanmobiliteit. De resultaten, die gepubliceerd zijn in de European Journal of Work and Organizational Psychology, tonen aan dat mensen vaker van organisatie, sector en baan wisselen wanneer ze jonger zijn. Geheel tegen de verwachtingen in, speelde de houding

MVO

Businessmodel ‘betalen per wasbeurt’ blijkt goed voor het milieu

Onderzoekers van de TU Delft en Lund University (Zweden) hebben in de praktijk aangetoond dat betalen per wasbeurt leidt tot zuiniger gebruik van wasmachines. De wetenschappers publiceren hierover in het blad Journal of Cleaner Production. Zuinig Normaal gesproken koop je als consument een wasmachine en daarmee is de zaak grotendeels af. Maar je zou ook een alternatief model kunnen gebruiken, waarbij je een wasmachine huurt van een bedrijf en je vervolgens per wasbeurt betaalt. ‘Van een dergelijk pay-per-use businessmodel, in dit geval voor wasmachines, verwachten we een positieve uitkomst voor het milieu’, zegt prof. Nancy Bocken, eerste auteur en onderzoeker bij Lund University en de Delftse faculteit Industrieel Ontwerpen (IO). ‘Consumenten worden door deze opzet immers meer bewust van hun consumptiepatroon en worden bovendien financieel gestimuleerd om zuinig te zijn. De leveranciers worden op hun beurt gestimuleerd om een efficiënte, zuinige en goed onderhouden wasmachine te bieden.’ Praktijk Of deze aannames ook daadwerkelijk op gaan, hebben de onderzoekers nu in de praktijk getest. ‘Er zijn nog maar weinig studies gedaan naar de milieu-impact van pay-per-use businessmodellen waarbij direct naar de impact in de praktijk wordt gekeken’, zegt coauteur en onderzoeker bij IO prof. Ruth Mugge. ‘We hebben dat wel gedaan,

Meld je aan voor de nieuwsbrief

* Elke week het laatste zakelijke nieuws
* Interviews met zakelijke (eind)beslissers
* Inclusief het gratis boekje '15 visies van sectorexperts'